Transitie doelen

Van de overheidssite is de volgende informatie afkomstig over International en nationale doelen:
Internationale doelen
In opdracht van de Verenigde Naties (VN) maakt het IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change) rapporten over de oorzaken en gevolgen van klimaatveranderingen. De rapporten beschrijven ook welke maatregelen er nodig zijn tegen de opwarming van de aarde. En wat de risico’s voor de toekomst zijn.
Nederland gebruikt de rapporten van het IPCC als uitgangspunt voor het klimaatbeleid.
In de meest recente versie van het IPCC rapport (AR5) wordt de opwarming van de aarde gedocumenteerd en geanalyseerd. Bevindingen:
• Het wordt extreem waarschijnlijk geacht dat de menselijke invloed de belangrijkste oorzaak is van de waargenomen opwarming vanaf het midden van de vorige eeuw.
• Voortgaan met het uitstoten van broeikasgassen zal verdere opwarming veroorzaken.
• Beperken van de klimaatverandering vergt aanzienlijke en bestendige reductie van de uitstoot van broeikasgassen
• De temperatuur op aarde tegen het einde van deze eeuw wordt in hoge mate bepaald door de cumulatieve uitstoot van CO2

In 2015 was er een VN-klimaattop in Parijs: de Conference of Parties (COP21). Nederland heeft daar ingestemd met een nieuw VN-klimaatakkoord.
Het akkoord heeft als doel: de opwarming van de aarde beperken tot ruim onder 2 graden Celsius, met een duidelijk zicht op 1,5 graden Celsius. In 2016 is het VN-Klimaatakkoord ondertekend door de 28 lidstaten van de Europese Unie. Het akkoord gaat per 2020 in.

Nationale doelen
Een belangrijk doel van het nationale klimaatbeleid is de uitstoot van broeikasgassen verminderen. Als er te veel broeikasgassen in de lucht komen, verandert het klimaat, met grote gevolgen voor flora en fauna, oogsten en waterstanden. CO2 is het belangrijkste broeikasgas.
De Klimaatwet stelt vast met hoeveel procent ons land de CO2-uitstoot moet terugdringen. In juni 2018 is een voorstel voor de wet ingediend. Dat gaat uit van 95% minder CO2 uitstoot in 2050 (en al 49% in 2030). De wet moet burgers en bedrijven zekerheid geven over de klimaatdoelen.
In het Klimaatakkoord (waarvan de definitieve versie op 28 juni 2019  is verschenen) staan afspraken met de sectoren over de manier waarop de klimaatdoelen kunnen worden gehaald. De volgende sectoren doen mee: de elektriciteitssector, de industrie, de gebouwde omgeving, de transsportsector en de landbouw. De doelstelling voor de sector gebouwde omgeving is om in 2030 een CO2 reductie van 3,4 miljoen ton ten opzichte van 1990 te bereiken.
Voorts heeft de Nederlandse overheid als streven om uiterlijk 2030 te stoppen met het winnen van aardgas in Groningen. Hoewel er alternatieve bronnen zijn van waaruit het Nederlandse aardgasnet gevoed kan worden lijkt het een goed streven om voor verwarmen en koken om te zien naar alternatieve duurzame warmtebronnen.

Lokale doelen
De gemeente Tilburg heeft het doel het bereiken van een klimaatneutraal en klimaatbestendig Tilburg in het jaar 2045 (Zie energievisie Gemeente Tilburg). Voor de Tilburgse gebouwde omgeving vergt dit dat het energiegebruik in 2045 is gehalveerd (ten opzichte van 2010), en dat de verbruikte energie voor 100% bestaat uit een mix van duurzaam gas, duurzame warmte en duurzame elektriciteit.

Wijk doelen
De wijk De Blaak, als onderdeel van de gebouwde omgeving, zou zichzelf natuurlijk ook doelen kunnen stellen.
Dat zou ambitieus zijn, maar ligt niet erg voor de hand.

Het lijkt verstandiger om in goed overleg te komen tot een pakket maatregelen waarmee in redelijkheid wordt bijgedragen aan het realiseren van zowel internationale, nationale als lokale doelen.

Onze wijk wordt momenteel voor 100% van energie voorzien middels het elektriciteitsnet en het gasnet. Het merendeel van die energie wordt gebruikt voor verwarming/koken (aardgas) en voor de elektrische apparatuur in onze woningen en gebouwen.
Een kleiner deel wordt gebruikt voor bedrijfs- en industriële activiteiten, voor openbare voorzieningen zoals straatverlichting en dergelijke, en meer recent ook voor het opladen van elektrische auto’s.

Anderzijds wordt in de wijk in toenemende mate duurzame energie opgewekt, middels bijvoorbeeld zonnepanelen.

Bij het bepalen van wijkdoelen is het belangrijk om te weten:
• hoe de CO2 uitstoot van de wijk op de referentiemomenten (1990 respectievelijk 2010) was;
• welke reductie hiervan in 2030, 2045 en 2050 moet worden bereikt;
• of en hoe de gerealiseerde reducties kunnen worden gemeten of gemonitord, waarbij de metingen worden geschoond voor industrieel-, openbaar en transport (elektrische auto’s) verbruik.

Een concreet (SMART) doel voor de wijk De Blaak is hiermee nog niet duidelijk.

De werkgroep energietransitie wil over de wijkdoelen wel zoveel mogelijk duidelijkheid verkrijgen. Dat is nodig om te kunnen beoordelen in welke mate een bepaald transitie scenario aan de gestelde doelen zal voorzien.

<Terug>

Plaats een reactie